Aansprakelijkheid van de scheepseigenaar voor onbetaalde bemanningslonen
De bemanning van een vrachtschip ontvangt haar loon niet. De werkgever, de scheepsmanager, is insolvent, terwijl een keten van rompbevrachtings- en onderrompbevrachtingsovereenkomsten elke betrokken vennootschap toelaat de volgende als aansprakelijke partij aan te wijzen. De vorderingen van de zeevarenden blijven zonder aanspreekbare schuldenaar.
Het kantoor richtte de vorderingen ook tegen de scheepseigenaar op grond van het Bulgaarse Wetboek van Koopvaardij, dat bepaalt dat de lonen van de bemanning exploitatiekosten van het schip zijn en ten laste van het schip vallen.
De zaken werden behandeld door de rechtbanken in het maritieme centrum van het land, waar over deze kwestie vaste rechtspraak was ontstaan volgens welke de scheepseigenaar niet aansprakelijk is voor de bemanningslonen. De rechtbank van eerste aanleg wees de vordering in elke zaak af en de beroepsrechter bevestigde alle afwijzingen. In totaal werden zesenveertig rechterlijke beslissingen gewezen door alle kamers die de zaken behandelden.
Het kantoor gaf geen enkele zaak op en bracht ze alle voor het Bulgaarse Hof van Cassatie.